Archive for the ‘guest’ Category

Mensenhandel in Ghana

Thursday, August 26th, 2010

[Door gastblogger Marijn] Ons belangrijkste project is het onderzoeken in hoeverre de Ghanese anti-mensenhandel wetgeving wordt toegepast in de praktijk. De wet is in 2005 ingevoerd en ziet er op papier indrukwekkend uit. Het bevat omvangrijke bepalingen voor de bescherming en ondersteuning van slachtoffers (onderdak, onderwijs, mogelijkheid tot schadevergoeding, enz), voorziet in het opzetten van een “Human Trafficking Fund” (hiermee moeten de kosten van deze ondersteuning en bescherming worden gedekt), voorziet in  het opzetten van gespecialiseerde mensenhandel afdelingen bij de politie, en voorziet in het opzetten van een advies orgaan, de “Human Trafficking Management Board”. Kortom, iets waarvan de internationale gemeenschap met recht enthousiast werd.

Maar wat komt er nu eigenlijk van al die bepalingen in de praktijk terecht? Geeft de praktijk net zo veel reden voor enthousiasme als het papier? Deze vragen proberen wij te beantwoorden door te praten met de verschillende ministeries, overheidsorganen, NGOs, openbaar aanklagers, politieagenten, journalisten, en academici door het hele land.

Het eerste dat mij opviel is dat het moeilijk is om een goed beeld te krijgen van de omvang van mensenhandel en de actie die ertegen ondernomen wordt. De overheid heeft hiervoer geen enkel onderzoek gepubliceerd, en er zijn bijvoorbeeld geen nationale systemen waarin je op kunt zoeken hoeveel aangiftes er zijn gedaan, hoeveel mensen er zijn vervolgd, en welke straffen (als ze al zijn veroordeeld) hen zijn opgelegd. Duidelijk is wel dat de meeste slachtoffers kinderen en vrouwen zijn. Uit de kust- en centrale regio worden voornamelijk jongetjes verhandeld om te werken in de visserij op het Volta meer (grootste handgemaakte stuwmeer ter wereld), in het noorden worden voornamelijk meisjes vervoerd naar het zuiden om te werken op markten of in het huishouden. Nu er in het westen olie is ontdekt, is de handel in vrouwen voor de sex industrie naar het westen toegenomen. Voor wat betreft de cacao industrie is het nog moeilijker een beeld te krijgen van de omvang van het probleem. Cacao is één van de grootste (zo niet het grootste) export producten van Ghana en men heeft dus niet graag dat die industrie geassocieerd wordt met iets negatiefs als mensenhandel. Daarnaast heb ik al een aantal keren gehoord dat de meeste mensen die er in de overheid toe doen zelf belangen in de cacao industrie hebben, en velen van hen zelf als kind ook op cacao plantages hebben gewerkt. In november 2009 nog, ontkende de overheid dat er verhandelde kinderen in de cacao industrie werken. Sommige media en NGOs die wij spraken, geven aan wel degelijk  slachtoffers van kinderhandel tegen te zijn gekomen op cacao plantages in Ghana, hoewel dit bij verre niet de aantallen betreft die in de bovengenoemde industrieën worden uitgebuit. Andere kinderen worden door hun familie zelf aan het werk gezet op de plantages, hetgeen betekent dat het niet zozeer mensenhandel is, maar wel kinderarbeid. En of je het nu mensenhandel noemt of kinderarbeid, het is duidelijk dat beide problemen bestreden moet worden.

Ook is inmiddels duidelijk dat de overheid geen middelen heeft om haar taken onder de wet goed uit te voeren. Het is geen onwil, maar de middelen zijn er gewoon niet. Als op zoveel gebieden, vullen NGOs het gat op. Zij redden de slachtoffers, zij werken samen met de politie om bewijs te vergaren, zij bieden de slachtoffers onderwijs, proberen mensenhandel te voorkomen door moeders micro-credieten te verschaffen, verschaffen mensen informatie over mensenhandel, en geven trainingen aan politie, openbaar aanklagers, en rechters. De betreffende organisaties zijn overigens zowel de bekende internationale organisaties, zoals IOM, ILO, UNICEF, enzovoorts, maar er ook een heleboel Ghanese organisaties, met Ghanezen die geven om slachtoffers van mensenhandel en vastberaden zijn het leven voor hen beter te maken. Eén van de leukste aspecten van dit project vind ik dat ik hen mag ontmoeten en mag horen over het werk dat zij doen.

De nieuwe regering, in 2009 aangetreden, geeft de indruk mensenhandel te willen gaan aanpakken. Er is een nieuwe Management Board samengesteld, en de nieuwe leden geven de indruk er voor te willen gaan. Ook heeft het ministerie van vrouwen en kinderzaken -verantwoordelijk voor het implementeren van de wet- in samenwerking met een lokale NGO een begin gemaakt met het in kaart brengen van het probleem. Laten we hopen dat dit momentum resultaten gaat geven in de toekomst, en het enthousiasme over de wet niet alleen het papier, maar ook de praktijk gaat betreffen.

Over de gastblogger: Marijn gaf haar baan als advocaat op en werkt nu bij de Enslavement Prevention Alliance. Gewaagd. Af en toe gunt ze ons een blik in het leven en werken in Ghana

Gastblog deel 4: Brian Adams

Friday, July 9th, 2010

Marijn gaf haar baan als advocaat op en werkt nu bij de Enslavement Prevention Alliance. Gewaagd. Af en toe gunt ze ons een blik in het leven en werken in Ghana. Lees hier een eerdere post.

Brian Adams

Ghanese mannen houden van cheesy jaren ’80 muziek. Vorige week moest ik naar een afpsraak bij een NGO op kantoor. Uiteraard had ik geen flauw idee waar het was, dit was weer één van de “ask the taxi driver to drive to the mall, and I will give him directions from there…”. Nou, het winkelcentrum, daar was ik al vaak geweest, dus als het daar in de buurt was, vond ik het wel prima. Het begon me voor het eerst te dagen toen de taxi-chauffeur bij een rood stoplicht zijn stoel achterover schroefde, achter de achterbank rijkte, een beeldscherm tevoorschijn toverde, een schroevendraaier tussen zijn tanden vandaan haalde, en het beeldscherm op het dashbord begon te monteren (hij had er gewoon vier gaten in geboord). Even schoot het door me heen: “Tom Tom”? Maar nee, dat kan hier gewoon niet werken. En inderdaad, geen Tom Tom. Van een stapeltje gebrande CDs haalde de chauffeur een Cdtje waarop stond “eighties”. Het werd ergens in gestopt en nog voor het stoplicht op groen sprong, was de eerste Brian Adams video clip in volle gang. “Everything I do” (I do it for you). O jee, dit zou nog wel eens een lang ritje kunnen worden. En dat werd het. Niet alleen was de NGO ver weg, de chauffeur raakte ook een keer of 12 de weg kwijt. Ik denk dat Brian Adams’ volle repertoire langs gekomen is, afgewisseld door Phil Collins, Michael Bolton en zelfs een verdwaalde vroege R&B artiest. Veel schorre stemmen, lange haren, en zwijmelige videoclips met in grote witte overhemden gehulde dames met uitgezakte permanenten. Ik dacht dat niemand dit fenomeen nog kende. Totdat mijn collega Razak bij terugkomst op kantoor vroeg van wat voor soort muziek ik hou, en voordat ik kon antwoorden vol enthousiasme over zijn eigen smaak begon uit te weiden. Te beginnen met Brian Adams…

Gastblog deel 3: positie van de vrouw

Monday, July 5th, 2010

Marijn blogt voor Tony’s Chocolonely vanuit de anti-mensenhandel organisatie in Accra, Ghana. Te gek dat zij ons wil laten delen in haar ‘verwonderingen’.  Lees hier de eerste en tweede posts.

Over de positie van de vrouw…

Vrouwen hebben hier een gekke positie. Zij zijn absoluut niet gelijkwaardig aan de man, maar tegelijkertijd zijn ze ontzettend sterk, trots en verbaal expressief. Ik denk dat geen enkele man het hier aan de stok wil krijgen met zijn moeder. Zo zag ik laatst een fietser in de stad. Ik bedacht me dat het mij geen goed idee leek om hier te fietsen, hetgeen onmiddellijk werd bevestigd. Er stond een rij auto’s voor het stoplicht, die nog een klein strookje weg openlieten voor voetgangers –en deze fietser dus. Ik zag het al van verre aankomen. De jongeman in kwestie slingerde vervaarlijk heen en weer, maar was niet in staat een oudere dame te voet te ontwijken. Hij kreeg me toch een sessie! En ondertussen zaten alle bestuurders van de wachtende auto´s  -zich er van verzekerd hebbende dat de dame in kwestie het hen niet zag doen- het gniffelend gade te slaan. Met van die blikken in hun ogen: o man, o man, ben ik blij dat ik niet in zijn slippers sta!

En nog eentje over de positie van de vrouw…

Vorige week hebben we geprobeerd een rechtzaak over mensenhandel bij te wonen. Geprobeerd ja, want er hing wel een rooster met zaken, maar we weten inmiddels wat een rooster betekent. Je zet alles op een rijtje waarvan je denkt dat het misschien wel kan gebeuren. Vervolgens kijk je wat er daadwerkelijk gebeurt. Het één is niet noodzakelijk hetzelfde als het ander. Maar goed, wij hadden ons laten vertellen dat de mensenhandel rechter-specialist zetelt in zaal 6, dus wij namen daar plaats. Overigens op de bankjes waarvan we later zagen dat geboeide, op hun zaak wachtenden verdachten plaats nemen. Nou ja, dat verklaarde in ieder geval waarom deze bankjes leeg gelaten waren in de overvolle zaal.

Er werd een fraude zaak behandeld. Blijkbaar had een obruni (blanke) uit Engeland zich laten overhalen om 3000 Ghana Cedi’s in een DVD-speler te schroeven en mee de grens over te nemen, om de ziektekosten van een kennis-van-een-kennis te dekken. Onduidelijk verhaal.  In ieder geval, om een uur of half 10 (de zitting was om half 9 begonnen), kwam de advocaat van één van de verdachten binnen. Nu lopen er om de haverklap personen in toga in en uit, meestal zonder duidelijk doel, maar deze advocaat liet zich horen. Hij was te laat, maar ja, de regen, en of de zaak dan nu kon worden uitgesteld zodat hij zich kon voorbereiden? Kijk, hier had hij zich even verkeken op de rechter. Deze rechter, één van die hele trotse Ghanese vrouwen die je gewoon niet tegen je in het harnas moet jagen, had al laten merken dat er niet met haar te spotten te viel. Bovendien hingen er overal A-4tjes op de muur met de tekst “This Court resumes work at 8:30 a.m.” (de enige rechtzaal waarin wij een dergelijke mededeling hebben kunnen ontdekken). Maar ja, dat had de advocaat in kwestie gemist.

De reactie van de rechter was geweldig. Het begon met een vernietigende blik, zo eentje waarvan zelfs Silvio Berlusconi (of welke andere arroganterik dan ook) onzeker wordt. Daarna kwam de kannonade. “Are we moving forward in this country, or WHAT?! (klap op tafel) Look at the signs at the wall (wijsvinger in richting van A-4 tjes op de muur met daarop de tekst “This Court resumes working at 8:30 a.m.”). We ALL (weids gebaar) had the same rain yesterday, yet we were ALL here in time to start the hearing. Except for YOU (dreigende wijsvinger in richting van advocaat). Where do you live anyway, hm (wenkbrouwen omhoog)? Because I live ALL the way out of Accra, and yet I was here in time to resume this case. So I will NOT adjourn this hearing! (finale klap op tafel) (en dan een aantal seconden rust met grote ogen en doordringende blik)” Manda en ik voelden ons net Oprah publiek. We waren bijna opgesprongen met teksten als “You go, girl” en andere aanmoedigende leuzen, maar gelukkig wisten we ons in te houden op de verdachtenbankjes. En de rest van de aanwezigen maar denken: o man, o man, ben ik blij dat ik niet in zijn toga sta!

Gastblog deel 2: Trots

Wednesday, June 30th, 2010

Deze gastblog is er eentje in een reeks. Lees ook de eerste blog met meer informatie over onze blogster Marijn.

Trots…

In het kader van één van onze projecten hebben wij een essay contest voor kinderen en jeugd georganiseerd, naar aanleiding waarvan we enkele honderden inzendingen ontvingen. De twintig winnaars van die essay wedstrijd waren afgelopen vrijdag allemaal aanwezig op onze conferentie, waarop ook een bundel met de winnende essays werd gepresenteerd. Eén van de winnaars, wiens inzending wij anoniem één van de besten vonden, werd vergezeld door zijn vader. Beiden strak in het -vers gesteven- pak, met een bijpassende stropdas. De vader glom werkelijkwaar van trots. Wat bleek? Hij kan zelf niet lezen of schrijven, maar zijn zoon heeft een prijswinnend verhaal geschreven wat nu gepubliceerd is in ons boek, en welke binnenkort aan het parlement en misschien wel de president wordt aangeboden. Hij kon er maar niet over uit. Zijn zoon!

Gastblog: Enslavement Prevention Alliance

Tuesday, June 29th, 2010

Mijn naam is Marijn Heemskerk. In maart 2010 heb ik na vijf jaar mijn baan als advocaat bij een commercieel en internationaal advocatenkantoor opgezegd, en wel met het doel “iets goeds “ en “maatschappelijjk betrokkens” te gaan doen. Het uitvinden van wat dat “iets” moest zijn had nog heel wat voeten in de aarde. Beslissen dat je de wereld gaat verbeteren is niet zo moeilijk. Als je gaat bedenken hoe, wordt het pas echt lastig. Het heeft me een jaar of anderhalf gekost om te bedenken dat ik met name geinteresseerd ben in gender crimes (sexueel geweld in conflict situaties, zoals bijvoorbeeld in de Democratische Republiek Congo) en mensenhandel. Naar aanleiding daarvan heb ik in maart en april van dit jaar in de VS een internationaal recht seminar over gender crimes gevolgd. Van mei tot en met augustus werk ik als vrijwilliger bij Enslavement Prevention Alliance – West Africa, een anti-mensenhandel organisatie in Accra, Ghana. Zo af en toe zal ik mijn ‘verwonderingen’ delen via Tony’s Chocolonely. Een blik uit het ‘werkveld’.

Het was wel even wennen, echt alles is anders hier. En het is best lastig om je te orienteren in Accra. Ruimtelijke ordening vinden Ghanezen onzin (en hetzelfde geld voor landkaarten), dus de huizen en huisjes zijn naar eigen inzicht kris kras door elkaar gekwakt. Straatnamen doen ze ook niet aan. Iedereen kent een aantal herkenningspunten en aan de hand daarvan vind je een adres. Adressen zijn dus “behind Opeibia House”, “near ATTC”, “next to Novotel”, etc.

Elke ochtend nemen mijn Amerikaanse collega Manda en ik de tro-tro (één van de vele minibusjes die op vaste routes door de stad hobbelen) naar kantoor. Ik vind het altijd weer mooi hoe wij fris en fruitig instappen en 40 minuten later volledig bezweet en verfromfraaid weer uitstappen, al waait er de afgelopen week een heerlijk briesje omdat het regentijd is. De weg naar kantoor is bezaaid met winkeltjes en dienstverleners. De meeste koopwaar staat op straat of op hoofden van Ghanese vrouwen.  Echt waar, die verslepen hele vrachtladingen op hun hoofd (ik zag er laatst één een tafel op haar hoofd vervoeren). Je kunt hier werkelijk alles op straat kopen. TV’s, ijskasten, bureaustoelen, rolstoelen, etc. etc. De uitbaters geven zeer originele namen aan hun uitspanningen, de meesten religieus getint.  Zo hebben we “God so Good Co Ltd”, “Grace and Mercy Stationary” en “My God is Able nail studio”. Maar ook de “Because of you I cut my hair” kapper. Af en toe gaat er even iets mis met de spelling. Zo zagen we vorige week een “No Need to Harry” en werden we twee weken geleden op het strand getrakteerd op een “Bomb Fire”.

Verder houden Ghanezen van lawaai. Dit uit zich niet alleen op de gang van mijn hotel  (waar men het liefst rond elf of twaalf uur ’s nachts en dan weer om zes uur ’s ochtends vol enthousiasme kabaal staat te maken), maar ook tijdens de kerkdiensten die altijd alom tegenwoordig zijn. Soms hoor je de diensten uit de kerken zelf, soms uit de radio van één van de vele winkeltjes op straat. Man, als ik dat zo hoor moet elke Ghanees hier denken dat ie op z’n minst gedoemd is tot het eeuwige hellevuur. Wat een geschreeuw!

De religie uitte zich ook in onze conferentie van afgelopen vrijdag, waarop ongeveer 400 schoolkinderen (niemand wist precies hoeveel het er waren –  aanmeldingen waren niet bijgehouden want dat vinden Ghanezen blijkbaar ook onzin) vanuit heel Ghana bijeenkwamen om een dag te leren en praten over mensenhandel. Zo’n conferentie begint met “opening prayers”, een dominee die de dag opent. Die was geagendeerd voor half negen. Ik geloof dat de beste man om half elf het woord nam. Werkelijkwaar, één grote improvisatie die dag. We hadden een heel programma in elkaar gezet, geen idee wat er ook daadwerkelijk van is gebeurd en welke sprekers wel en niet zijn komen opdagen. Maar iedereen scheen zich opperbest te vermaken, en ik heb toch de indruk dat alle inhoudelijke punten aan de orde zijn gekomen.

Nu de conferentie achter de rug is, kunnen Manda en ik ons weer concentreren op onze twee grootste projecten: het voorbereiden van een civiele zaak voor een slachtoffer van mensenhandel (die dan schadevergoeding eist van de mensenhandelaar) en de evaluatie van de in 2005 ingevoerde wet ter bestrijding van mensenhandel. Onder andere hebben we een hele lijst met mensen door heel Ghana geidentificeerd die we willen spreken voor onze evaluatie. De rest van het EPAWA team gaat door met de niet-juridische projecten, zoals slachtoffers leren sieraden te maken en daartoe de middelen te geven, zodat ze ze kunnen verkopen en hun eigen inkomsten kunnen genereren. Ook moet de conferentie worden afgewikkeld (o.a. zorgen dat de aanbevelingen die de schoolkinderen afgelopen vrijdagmiddag hebben opgesteld aan het parlement worden aangeboden). En zo zijn er nog een stuk of wat projecten. Ik moet zeggen dat ik erg onder de indruk ben van de omvang en inhoud van de projecten die EPAWA doet.

Humor en vrouwen

Tuesday, May 25th, 2010

Terwijl ik schaterend J. Kessels: The Novel las, riep ik bij elk nieuw hoofdstuk tegen de Vrind dat hij het echt fantástisch! zou vinden, echt een mannenboek, met mannenhumor. Nu het uit is, vraag ik me af hoe geëmancipeerd ik eigenlijk ben. Het boek is objectief goed, maar tijdens de lezing ervan, voelde ik mij eerst een hinnikend wicht dat passief lacht en daarna een manwijf, omdat ik zo genoot van mannenhumor… Wat is het probleem met vrouwen en humor?

Objectief grappig, geniaal en muzikaal. Toch vond ik het een mannenboek met mannenhumor. Maar waarom? Begrijpen vrouwen het niet? Hebben vrouwen geen humor of is er een verschil tussen vrouwen- en mannenhumor?

Mijn mannelijke collega zei zich eigenlijk geen goede grappen van vrouwen te herinneren. De Vrind slijmde dat er inderdaad erg weinig vrouwen met goede humor zijn, dat ik daarentegen natuurlijk wel erg grappig ben. Maar, voegde hij eraan toe, hij kan natuurlijk wel óm vrouwen lachen. Een andere mannelijke vriend stelde dat mannen grappen maken omdat ze het op het huidige niveau van beschaving niet meer redden met een goddelijk lichaam alleen. ‘Humor moet je beschouwen als de nieuwe manier van jagen’, zo zette hij met grachtengordelaccent uiteen.

In het vrouwenkamp zeggen ze natuurlijk dat vrouwen wel grappig zijn, maar ándere humor hebben. Meer zelfspot, niet zozeer de humor in het hele verhaal, minder absurd misschien en niet altijd over seks. ‘Vrouwen maken meer samen grappen’. Ja ja.

Het is zo zonde als J. Kessels: The Novel zou worden weggezet als mannenboek en vrouwen dit boek en deze humor niet kunnen waarderen. En ook als vrouwen het wel waarderen maar zich tegelijkertijd buitenstaander voelen. Ook al gaat het boek over Echte Mannen, die echte-mannen-dingen-doen, de humor over deze mannen is ook voor vrouwen toegankelijk. (vergelijk het met de lullo’s van Jiskefet: Jiskefet wist zelf niet zo goed wat zij ervan moesten vinden dat juist de irritante studenten op wie zij een parodie maakten, het ‘lullo nog geneukt?’ zo omarmden.)

De volgende feministische golf gaat dus over humor. Weg met de zure feministen, op naar de grappige vrouwen, die met scherpe humor mannen laten lachen, zonder dat zij twijfelen aan hun vrouwelijkheid. Een vrolijker manier om het glazen plafond te doorbreken en een manier waarbij mannen eindelijk ook een duidelijke taak hebben, die niet als een opgelegde opdracht wordt ervaren: gewoon lachen.

Anne Margriet van Dam werkt nog een paar weken bij het ministerie van Binnenlandse Zaken, is freelance redacteur. Ze eet haar Tony Chocoloney het liefst met een sterke espresso, na het diner.

De verwonderingen van: Aukje Leermakers

Wednesday, May 12th, 2010

We laten ons bij Tony’s Chocolonely niet zomaar iets vertellen, we willen altijd meer weten, en blijven kritisch. We stellen vriend en vijand ook graag de vraag waarover zij zich verwonderen. Maurice Dekkers trapte af met zijn bizarre zoekmachine-analyse. Tony’s fan Aukje deelt iets alledaags en zet t daarmee weer even lekker op scherp.

Een man in een rode auto

Op weg naar mijn werk zie ik een rode auto langs de weg staan. Een man in een rode auto draait zijn raampje naar beneden en gooit zo een blikje naar buiten. Ik zie het blikje, als in de film,  in slow-motion vallen en op de straat neerkomen. De man draait rustig zijn raampje weer dicht.

Dit gebeurde een paar weken geleden en nog steeds denk ik met verbazing terug aan dit voorval. Want waarom gooi je een blikje zomaar op straat? Als ik zo om me heen kijk zie ik wel dat meer mensen hun rotzooi dumpen op straat. Ik vraag me dan meteen af of die mensen geen opvoeding hebben gehad, want ik leer mijn kinderen braaf dat ze papiertjes of wat dan ook niet op straat mogen gooien. En gelukkig vinden zij het net zo vreemd als ik dat er overal rommel ligt.

De slogan ‘Een beter milieu begint bij jezelf’ komt in me op. Dus ik doe m’n best, ruim mijn troep op. Gooi het, gescheiden, in de afvalbak en probeer mijn kinderen bij te brengen dat ook zo te doen. In de hoop dat zij toch wel beter weten dan die man in de rode auto.

PS. Wie is Aukje Leermakers? Aukje blogt als werkende moeder al sinds 2003 over van alles en nog wat. Daarnaast is ze twitter, gadgets en chocolade verslaafd.

De verwonderingen van: Maurice Dekkers

Wednesday, April 7th, 2010

Wij, bij Tony’s Chocolonely, verwonderen ons dagelijks over de dingen in het leven. We stellen onszelf daarbij vaak de vraag hoe het precies zit, waarom iets is zoals het is en vooral, of het ook anders, beter, kan. Deze vraag stellen we ook aan anderen. Gastblogger Maurice Dekkers trapt af. Hij neemt ons mee in zijn bizarre gedachtegang over zoekmachines.

De zoekmachine van Google

Soms vergeet je wel eens iets. Je telefoon uitzetten in het vliegtuig bijvoorbeeld. Nu is mijn angst voor vliegen voornamelijk gebaseerd op het lot in handen leggen van techniek waar je eigenlijk niks van snapt. Daarom zet ik ook altijd braaf mijn telefoon uit. Niet dat ik precies snap waarom, maar omdat ik niet wil dat door mijn begrensde kennis 297 mensen verongelukken. Deze keer was ik het vergeten. Bij aankomst in de vliegtuighal ontdekte ik iets wonderlijks. Ik had een aantal smsjes gekregen tijdens de vlucht. “Welcome to Greece” en nog een aantal welkomstboodschappen van verschillende landen waar ik kennelijk overheen gevlogen was. Wonderlijk. Bijna net zo wonderlijk als die ene keer dat ik midden in het laatste restje oerwoud van Ghana werd gebeld door een upc medewerker dat ik mijn rekening niet had betaald voor een tv aansluiting.

Ik kan er met mijn hoofd niet bij, maar het is een feit. Ik ben bereikbaar. Voor iedereen. Maar begrijpen doe je het niet. Neem nou de zoekmachine van Google. Je probeert je voor te stellen hoe zo’n machine eruit ziet. Je refereert in eerste instantie aan de machines die je kent. De naaimachine, de boormachine, maar je weet ook onmiddellijk dat een zoekmachine iets heel anders moet zijn. Maar hoe groot is een zoekmachine of hoe klein? Is het daarom een zoekmachine? Een machine die zo klein is dat je ernaar moet zoeken?

Google had sinds gisteren een zoekmachine staan of liggen of hangen in China. Maar ze hebben hem of haar verplaatst naar Hong Kong. Omdat de chinezen dan zonder censuur van de overheid naar hartelust kunnen googlen. Nu ligt Hong Kong natuurlijk ook in China tegenwoordig. Zou het daarmee te maken kunnen hebben? Binnen Google bereik? Of kun je een zoekmachine voor de Chinezen ook in de oerwouden van Ghana neerzetten? Zodat de Chinezen daar, net zoals de ijverige upc medewerker mij wist te traceren, informatie kunnen vinden over het bijvoorbeeld immens populaire chat-roulette. Zodat zij ook kennis kunnen maken met andere culturen. Mensen die masturberen op een made-in-china Ikea stoel voor een made-in-china webcam.

Zo’n twintig jaar geleden leek het allemaal iets eenvoudiger. Bijna niemand wist wat er achter de muur gebeurde. Bij de communisten. En zij, die van achter de muur, wisten helemaal niks. Er stonden geen zoekmachines. Hooguit zoeklichten. Met mannen die als een machine waren geprogrammeerd om mensen neer te schieten die het waagde verder te kijken dan hun muur lang was. Nu zitten deze mannen als een machine te zoeken naar informatie op het net. Afkomstig van een zoekmachine. Waar dan ook. En ze zijn bang. Die Chinezen. Misschien wel omdat ze het niet begrijpen. Dezelfde angst die ik heb voor het vliegen. Want als je iets niet snapt ben je de controle kwijt. En om deze controle nu helemaal in handen te leggen van een zoekmachine van Google?

Het is gelukkig iets wat ik nog een klein beetje snap.

N.B. Wie is Maurice Dekkers?
Maurice is oprichter, bedenker en kritisch verslaggever van de Keuringsdienst van Waarde. Daarin streeft hij ernaar om misstanden binnen de productie van voedsel en andere consumentenproducten aan het licht te brengen.